Alvaro Pombo: De aangenomen zoon
Alvaro Pombo werd in 1939 geboren in het noordspaanse Santander. Hij studeerde filosofie en woonde geruime tijd in Engeland. Momenteel geldt hij als een van de meest oorspronkelijke en eigenzinnige Spaanse auteurs, schepper van een oeuvre dat zijn weg al heeft gevonden naar vele Europese landen. Over Alvaro Pombo Andere romans van Pombo in Nederlandse vertaling: De held van de mansardes van Mansard, Lichte vergrijpen, Verschijning van het Ewigweibliche (verteld door Z.M. de Koning) en Onder vrouwen. Pombo's eerder vertaalde boeken hebben een zeer goed onthaal gevonden bij pers en publiek: Toen ik eenmaal aan dit boek
(De held...) begonnen was, heb ik het niet meer weggelegd,
totdat ik de laatste zinnen -die tevens de eerste zijn-
gefascineerd tot me had laten doordringen (...) Pombo is een
weergaloos verteller, die het geheimzinnige niet schuwt.
Willem Kuipers in de Volkskrant. Uit de pers'Alvaro Pombo heeft zich
betrekkelijk geruisloos opgewerkt tot een van de belangrijkste
schrijvers van Spanje. Anders dan veel van zijn collega's, die
geen gelegenheid onbenut laten om zich in het openbaar te
manifesteren, werkt hij in alle rust aan een oeuvre dat binnen en
buiten Spanje steeds meer erkenning krijgt (...) De aangenomen
zoon is een integer boek, dat niet ongepubliceerd had mogen
blijven.' Bespreking van Liesbeth Hendrix in Leesidee, Vlaams Bibliografisch tijdschrift, januari 1997: Het hele gebeuren speelt zich af
in een afgelegen aristocratisch, tot verval gedoemd huis ergens
aan de Spaanse noordkust. In dit melancholische decor woonde
Pancho jarenlang in het exclusieve gezelschap van zijn moeder
Charo en de betekenisloze dienstbode Genoveva in een bewust
gekozen eenzaamheid. Pancho is net als zijn moeder schrijver. De
relatie tussen moeder en zoon beperkte zich tot een schijnbaar
doelloos gezamenlijk handelen: ze leefden samen in een streng
isolement in de overtuiging dat ze een reusachtige literaire
onderneming tot stand brachten. Levensdoel van moeder en zoon was
schrijven, meer in de zin van zelfbeleving dan van een verlangen
naar erkenning via publicatie. De fantomatische acteurs van de
roman lijken a.h.w. omringd door een gevoel van nutteloosheid en
onvermogen om "via eigen ledematen en op eigen kracht door
te dringen in de uterus van het mysterie van [hun] leven".
Het overlijden van Charo -- "door het slechter, steeds
minder en minder schrijven, kreeg de dood vat op haar leven"
-- doet het introspectieve in Pancho's geschriften nog toenemen.
Pancho lijkt rond te waren in een spookachtige werkelijkheid,
waarin de grens tussen het werkelijke en het imaginaire steeds
verschuift, en waar het woord en de taal tekortschieten als
werkinstrument. Zijn eenzaamheid, gekoppeld aan herinneringen vol
ingehouden melancholie, wordt verstoord door de verschijning van
de man die als jongen in dienst was van zijn moeder. Verwarrende
echo's uit Pancho's verleden beëindigen zijn serene rust en
leiden paradoxaal tot een bewustwording en terugkeer naar de
tragische werkelijkheid van een heden zonder toekomst. |